Deze merklap uit 1874 is typisch voor de negentiende eeuw, waarin de merklap van een pronkstuk steeds meer een beginnersoefening werd. De lappen werden kleiner en er werd grover materiaal gebruikt, zodat het werk makkelijk te zien was en ook beter te doen voor handjes die nog niet zo heel handig waren. Het zijn als het ware voorlopers van de rode schoollapjes.

Dit exemplaar meet 29 x 28,5 cm; de ondergrond is een vrij open geweven, bijna stramienachtig katoen of linnen (10 draden per cm). Het garen is zo te zien katoen. Helaas is hij voor het inlijsten stevig vastgelijmd op karton, zodat de achterkant niet te zien is. Ik weet dus niet hoe netjes of slordig er gewerkt is, en ook niet hoe de kleuren er oorspronkelijk uitzagen.
De motieven op het lapje zijn oud: naast alfabetten, cijferreeksen, initialen en het jaartal zie ik twee gestileerde, symmetrische bloempotten, twee vruchtenmanden, een cartouche en de verspieders met hun druiventros (op schoenen met hakken en gespen). Die motieven zijn allemaal veel ouder dan de 19e eeuw, maar ook in 1874 waren ze nog uitstekend geschikt om een meisje te trainen in het gebruik van een naald en het volgen van een patroon.

De lap was vrij gemakkelijk te identificeren aan de hand van de initialen. In de centrale cartouche staat LS; links en rechtsonder IS en RP. Dan zal LS de maakster zijn en IS en RP haar ouders: IS de vader (zelfde achternaam als zijn dochter) en RP de moeder.
Met die gegevens vond ik Lubbertje Slot, geboren op 5 april 1863 in Putten als dochter van Jan Slot en Rijntje Pasman. Jan was (blijkens de huwelijksakte) schoenmaker en zoon van een schoenmaker; Rijntje dochter van een papierfabrikant. Ze trouwden in 1847 en kregen zeven kinderen: de tweeling Gerrit (1849-1914) en Hendrikje (1849-1892); Barend Huijbert (1853-1941); Jannetje (1856-1894); Hendrik (1859-1912); Lubbertje (1863-1931) en Johannes Gerrit (1865-1887). De namen van de broers en zussen corresponderen met de initialen in de hokjes, halverwege de lap: GS, HS, BHS, IS, HS en in een hoekje erboven IGS. Zelfs de volgorde klopt. Dat maakt de identificatie wel zo goed als zeker.

Lubbertje trouwde op 8 april 1891 in Harderwijk met Albert Jan Wuestman, boekhandelaar. Ze kregen vijf kinderen, van wie er één als baby stierf. Lubbertje overleed op 5 juli 1914 in Harderwijk, 51 jaar oud; haar jongste kind was toen 9 jaar oud. Lubbertjes weduwnaar Albert Jan Wuestman overleed in 1931, maar zijn bedrijf bestaat nog: www.wuestman.nl/historie
Auteur: Nelleke Ganzevoort
Reageren? eirotsih.[antispam].@merkwaardig-borduren.nl